Gerard Cox (85) bracht zijn laatste weken in afzondering door: ’Vrienden werden na een paar minuten weer weggestuurd’
De legendarische Rotterdamse zanger en acteur Gerard Cox is zaterdag in de vroege ochtend in zijn woonplaats Mijnsheerenland overleden. Hij werd 85 jaar. Cox leed aan uitgezaaide slokdarmkanker en koos bewust voor een behandeling die enkel zijn klachten zou verlichten, niet voor genezing.

De harde waarheid
In een interview met het AD vertelde Cox nog maar een maand geleden dat hij zich in juli plotseling “ontzettend beroerd en slap” voelde. Niet lang daarna volgde de keiharde diagnose: slokdarmkanker met uitzaaiingen naar de lever. Operaties of zware chemokuren wees hij resoluut van de hand. Wel onderging hij enkele bestralingen om zijn pijn draaglijker te maken.
Cox was realistisch, misschien zelfs laconiek, over zijn naderende einde. “Als ik dood ben, ben ik toch dood. Ze zoeken het maar uit,” zei hij.
Afzondering in de laatste weken
Volgens mensen uit zijn omgeving bracht Gerard zijn laatste weken grotendeels in afzondering door. Vrienden die hem bezochten, mochten vaak maar kort blijven. “Na een paar minuten stuurde hij je alweer naar huis,” vertelt een ingewijde. “Hij wilde geen lange gesprekken meer, geen medelijden. Hij had zijn manier van afscheid nemen.”
Zijn manager bevestigt dat Gerard “scherp tot het allerlaatste moment” bleef. Uiteindelijk sliep hij zaterdagochtend rond 04:30 uur rustig in, thuis in zijn vertrouwde omgeving.
Een leven vol muziek en humor
Gerard Cox groeide uit tot een van de bekendste gezichten van Nederland. Hij brak door met de legendarische tv-serie Toen was geluk heel gewoon, waarin hij jarenlang naast Joke Bruijs schitterde. Ook muzikaal liet hij een blijvende indruk achter. Hits als ’t Is weer voorbij die mooie zomer en Die laaielichter behoren tot het collectieve geheugen. En met zijn Feyenoord-lied Werkmansleed bezong hij in 1990 de ziel van de stad die hem zo dierbaar was.
Geëerd tijdens leven
Op zijn 85ste verjaardag, eerder dit jaar, werd Cox nog geëerd tijdens een feestelijke voorstelling in een uitverkocht Oude Luxor in Rotterdam. Bekende artiesten brachten er een ode met zijn eigen nummers. Het feest leek toen vooral bedoeld voor de aanwezigen; zelf zei hij er niet mee bezig te zijn hoe hij later herinnerd zou worden.
“Als ik dood ben, zoeken ze het maar uit,” zei hij droogjes.
Afsluiting in stilte
Gerard Cox laat een indrukwekkend oeuvre en een onuitwisbare indruk achter. Zijn uitvaart zal plaatsvinden in besloten kring, zoals hij zelf gewild had: zonder poespas, in stilte, met alleen de mensen die hem het allernaaste waren.